Dood en wedergeboorte in het Oude Europa

October 11, 2019

 

 

 

 

 


 

1. Wat is het Oude Europa?

 

Velen hebben wel gehoord over onze heidens Germaanse voorouders, of onze Keltische - hun geloofsovertuigingen, hun heldengedichten, kunst en verhalen. Velen van ons volgen bijvoorbeeld de jaarfeesten in de Keltische of Germaanse traditie, met diens goden en diens kosmologie. Namen als Freyja en Thor of Donar kennen zij die zich bezig houden met natuurspiritualiteit als heidendom en sjamanisme ongetwijfeld wel.
Maar weinigen weten dat er een geheel andere cultuur op dit continent aanwezig was voordat de Proto-Indo-Europese volkeren (die de bekendere Kelten en Germanen werden) zich hier vestigden. Een cultuur die floreerde, die gelijkwaardigheid tussen man en vrouw kende, prachtige kunstvormen voortbracht, vreedzaam was en diep religieus. Het Oude Europa is een term bedacht door de archeologe Marija Gimbutas die ze gaf aan deze pre-Indo-Europese cultuur die zij extensief onderzocht gedurende haar leven. Een cultuur die matrifocaal was (moeder-focus) - en hoogst waarschijnlijk matrilineair - agrarisch en plaatsgebonden.
Een scherp contrast met de Proto-Indo-Europese cultuur die erop volgde, afkomstig van de Russische -steppen -  welke patriarchaal was ingesteld, hiërarchisch, mobiel (te paard) en een herdersvolk was. Ze waren oorlogs-georiënteerd en liepen de inheemse, vreedzame bevolking van het Europa van 4500 B.C. onder de voet. Dit is in 2015 met DNA-onderzoek aangetoond en de Koergan-hypothese van Marija Gimbutas, waar dit idee in uiteen gezet is, bevestigd. Ook is dit bevestigd door middel van linguïstisch onderzoek en archeologische opgraven in o.a. Bulgarije.

Waar het inheemse volk de Moeder Generatrix vereerde in vele vormen, kwam hier nu het pantheon van de Proto-Indo-Europeanen voor in de plaats die de nadruk legden op mannelijke godheden. Hieruit ontstond een mengeling van twee mythische systemen; Oud Europees en Proto-Indo-Europees: de basis voor de cultuur van de Indo-Europeanen zoals we ze kennen: de Germanen, Kelten, Grieken, etc (Gimbutas, 2007).
Het is mijn mening, en die van vele anderen, dat zonder goede kennis van deze onderste cultuurlaag van het Oude Europa, de paleolithisch ideologische structuren evenals die van de vroege Grieken of Germanen niet goed begrepen kan worden en wij onze voorouders, die 20.000 jaar lang zichzelf de inheemse Europeanen mochten noemen, te kort doen.
Van de Oude Steentijd tot de Nieuwe Steentijd zijn vrouwenbeeltenissen en andere symbolen het bewijs voor een eeuwenoude aanbidding van de Oermoeder, Moeder Generatrix. Haar specifieke aspecten zoals leven-gevend, vruchtbaarheid, geboorte en dood naar opnieuw leven zijn zo sterk dat ze tot op de dag van vandaag terug te vinden zijn in onze cultuur, tradities en ons bewustzijn.

 

 

 

2. Religie van het Oude Europa in een notendop

 

 

De Oude Europeanen vierden de gehele cirkel van geboorte, dood en wedergeboorte in de vorm van een “Grote Godin”, een Oermoeder. In tegenstelling tot de contrasten die we tegenwoordig kennen tussen godheden van de bekende mythologieën, in de vorm van ‘goed’ en ‘slecht’ omdat zij leven geven of leven nemen – verdeelden de Oude Europeanen het pantheon niet op deze manier. De Moeder was één en velen, een eenheid en een veelvoudigheid, ze kwam voor in tweevoud, drievoud en viervoud en in enkele vorm.
De hybride slang-en-vogel godin ging over het continuüm van leven, de godin van geboorte, dood en wedergeboorte; Ze creëerde en vernietigde, Ze was de Maagd, de Moeder en de Oude Crone en de godin in de bloei van haar leven die de liefde bedreef met de jonge godheid in het Heilig Huwelijk; de Hieros Gamos, en daarna de Schepping voortbracht. Het kind dat geboren wordt, het Goddelijk kind, wordt later haar minnaar waarmee ze opnieuw het Heilig Huwelijk mee voltrekt. Daarna sterft haar minnaar, de vegetatie god, en daalt af naar de onderwereld om weer herboren te worden in het diepst van het donker: op de avond van Midwinter; het Zonnekind, het nieuwe, heilige leven.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3. Gebruiken en rituelen rondom de dood
 


De mensen van het Oude Europa keken anders aan tegen de dood en de ziel dan de Indo-Europese volkeren en het Christendom. In het Oude Europa was het leven een continuïteit in cyclische vorm. Net als in het plantenrijk groeit er uit de dood nieuw leven, zo geloofde men ook dat vanuit de baarmoeder van de Oermoeder geboren werd, maar men er ook weer naar terugkeerde. Dus keerde men terug in het leven, werd wedergeboren, door de baarmoeder van de Godin. De baarmoeder was dan ook een belangrijk symbool in het leven van de Oude Europeanen, de baarmoeder was een tempel, een heilige plek van wedergeboorte. “Tomb as a Womb” wordt het in het Engels ook wel genoemd. Symbolen die wijzen op de vulva en de baarmoeder zijn dan ook overheersend aanwezig in deze cultuur, op de tombes en in de tombes zelf.

De tombes voor de doden werden vaak in de vorm van een vrouwenlichaam gebouwd. Bijvoorbeeld de meervoudige vrouwenvorm-tombe-complexen op Mnajdra (3000 B.C.) op Malta en de heilige driehoek van Lepenski Vir (6500 B.C.). Deze tombes hebben een centrale ingang die lijkt op een geboortekanaal. Soms valt de zon tijdens bepaalde tijden van het jaar precies in deze ingang, vaak tijdens Midwinter, zoals ook bij tombe van Newgrange in Ierland. De voorouders, of hen die zijn overgegaan, waren niet dood en weg, maar sliepen; zoals de zon onder de horizon slaapt voor ze weer tevoorschijn komt. Net als de zon is het leven nooit weg of eindig, maar slaapt ze of is ze in een andere wereld of staat van zijn, zoals het gezicht van de donkere Maan. De voorouders en gestorvenen ‘sliepen’ vaak in een steen of achterin de to